Hoe is het om laaggeletterd te zijn? Ervaringsdeskundige Yvonne deelt haar verhaal: ‘Ik deed net alsof ik voorlas’
GEMEENTE ALPHEN AAN DEN RIJN – In de Week van Lezen en Schrijven staan verschillende gasten in De Ochtendshow van Studio Alphen stil bij wat schrijven voor hen betekent, en het belang van lezen en schrijven. Deze basisvaardigheden zijn echter lang niet altijd zo vanzelfsprekend. Yvonne Geers weet als geen ander hoe het is om laaggeletterd te zijn.
Al op jonge leeftijd komt Yvonne niet lekker mee met haar klasgenootjes. Ze raakt achterop en haar docenten weten ook geen raad. ‘Op een gegeven moment zei de leraar ga jij maar bloemetjes water geven. Of ga jij maar iets doen waar je wel wat meer begrepen wordt.’
Moeite om volwaardig te participeren in samenleving
Yvonne is hierin niet alleen. Ongeveer 3 miljoen mensen in Nederland hebben last van laaggeletterdheid. Bas van Klompenburg is adviseur bij Stichting Lezen en Schrijven en zet zich in voor deze groep: ‘Nou, laaggeletterdheid, daar verstaan we onder als iemand moeite heeft met die basisvaardigheden. Dus als iemand moeite heeft met lezen, met schrijven en dat rekenen, en ook daardoor met digitale vaardigheden.’
Van Klompenburg vervolgt: 'Het is dat je er net een beetje meer moeite mee hebt, waardoor het in de weg komt te staan om een baan te vinden of te behouden of met het openbaar vervoer te reizen. Zoals we dan in wat duurdere woorden zeggen: om volwaardig te kunnen participeren in de samenleving. Dat is wat we verstaan onder laaggeletterdheid. Maar we kiezen steeds meer om te praten over beperkende basisvaardigheden. Want laaggeletterdheid zegt meteen ook laag opgeleid, dat mensen laag en minder zijn. En als je zegt beperkte basisvaardigheden, is het net alsof de mensen beperkt zijn. Maar het zijn de vaardigheden die beperkend zijn, niet de personen.’
Factoren die meespelen in achterop raken van taalvaardigheid
Yvonne trok aan de bel toen ze in verwachting raakte van haar eerste zoon: ‘Ik had zoiets van: holy shit ik krijg een kind, maar ik wil mijn kind wel voor kunnen lezen. Je hebt dan een droom, dus ik heb de stoute schoenen aangetrokken en ik ben terug naar school gegaan.’ Hoewel dit voor Yvonne een enorme drempel was, is ze blij dat ze nu de hulp krijgt die ze nodig heeft. ‘Dan deed ik net alsof ik voorlas. Totdat mijn zoon zei: ‘mama waarom sla je nooit een pagina om? Dat doet mijn juffrouw wel.’ Dus toen had ik zoiets van: oh ja.’
Volgens Van Klompenburg zijn er diverse factoren die mee kunnen spelen in het achter raken van je taalvaardigheid. ‘Het kan zomaar zijn dat er op school te weinig aandacht is voor de leerling terwijl die dat nodig heeft om die taalvaardigheid te ontwikkelen. Of dat er concentratieproblemen zijn op school of andere soorten problematiek waardoor je meer aandacht nodig hebt. Een andere reden is wat wij noemen een taalarme thuissituatie. Dus er is weinig Nederlandse taal thuis aanwezig, weinig radio, boeken of kranten. De derde factor is de individuele problematiek. Vroeg aan het werk, een thuissituatie die je niet in staat stelt om naar school te gaan of op een fijne manier te leren. Vaak is het een combinatie van al die verschillende dingen bij elkaar.’
Keihard nodig
Inmiddels heeft Yvonne plezier in het lezen en schrijven: ‘Vroeger lukte mij dat niet. Maar door stichting Lezen en Schrijven, stichting ABC, Movisie en alles wat ik aan vrijwilligerswerk in taal doe is het snel mijn passie geworden.’
Bas van Klompenburg kijkt vooral met trots naar het verhaal van Yvonne: ‘Natuurlijk zit er een zwart randje aan haar verhaal, maar er zit ook een heel mooi lichter randje aan de kracht die zij toont en eigenlijk de onbekende talenten die zij daarin heeft. Ik probeer wel eens te zeggen: er zitten allerlei onbekende talenten, wat je niet per se aan de voorkant ziet, of wat je niet op papier kan lezen. Maar kijk juist naar wat er wel kan en wat erachter zit. Want dat hebben we keihard nodig met z'n allen, in alle lagen van de samenleving.’
Lees ook: Schrijfster wil beginnende schrijvers een stap op weg helpen: ‘Gebruik iets uit je dagelijkse leven’