Er worden géén onderzoeklocaties voor windturbines bij provincie Zuid-Holland aangeleverd

GEMEENTE ALPHEN AAN DEN RIJN – De meerderheid van de gemeenteraad van Alphen aan den Rijn heeft besloten dat geen voorkeurslocaties voor windturbines bij provincie Zuid-Holland worden aangeleverd. Daarmee wordt een signaal afgegeven tegen de komst van windturbines, maar tegelijkertijd wordt de keuze voor onderzoeklocaties op het bord van de provincie gelegd.

Van de 38 raadsleden waren er gisterenavond, donderdag 17 juli, 34 aanwezig. Zij bespraken uitgebreid het voorstel van het college van burgemeester en wethouders (B&W) om twee onderzoeklocaties, namelijk polder Steekt en het Bentwoud, voor te stellen aan provincie Zuid-Holland. Voor het voorstel zijn uiteindelijk 13 raadsleden uit de partijen GroenLinks, D66, PvdA, Lijst Scholtens en SGP. Tegen het voorstel stemden de 21 aanwezige leden van Nieuw Elan, VVD, CDA ChristenUnie, Alphen voor Elkaar, RijnGouweLokaal, Forum voor Democratie en ONS Alphen.

De Alphense gemeenteraad is verdeeld over de wenselijkheid om zoeklocaties voor de eventuele komst van windturbines aan te geven. Wethouder Gert van den Ham (duurzaamheid) is voorstander van: ‘De regie in handen houden. Als we zelf geen locaties aanwijzen, dan kiest de provincie voor ons.’ De wethouder erkent dat in het coalitieakkoord staat dat er géén windturbines op Alphens grondgebied komen, maar: ‘De situatie in 2025 is anders dan in 2022. Er is veel netcongestie, woningen en bedrijven kunnen niet op het elektriciteitsnet worden aangesloten.’

Onder tijdsdruk

Oud-wethouder duurzaamheid en huidig raadslid Erik van Zuylen (GroenLinks), wijst op de regionale afspraken: ‘Op 24 juni 2021 hebben we de afspraak gemaakt hoeveel eigen lokale energie we zullen opwekken in de regio Holland-Rijnland. We hadden toen moeten beginnen met het proces om tot onderzoeklocaties voor windturbines te komen. Nu heeft wethouder Van den Ham het opgepakt en moet alles in een halfjaar geregeld zijn.’

De tijdsdruk wordt door de meeste fracties en door de wethouder als onprettig ervaren. Deze is er, omdat provincie Zuid-Holland een brief aan alle gemeenten heeft gezonden met de mededeling dat zij óf zelf locaties aanwijzen óf dat de provincie dit zal doen. Ernst-Jan Straver (PvdA) is voorstander van het voorstel, want: ‘Als er geen meerderheid is om zelf locaties aan te wijzen, wat zijn dan de gevolgen?’

Provincie en Rijk

De tegenstanders van het zelf aanwijzen van locaties vinden dat er afgewacht moet worden wat provincie Zuid-Holland er nu echt van vindt. De provincie praat pas ná het zomerreces over de wenselijkheid van windturbines op het land. Het lijkt erop dat de meningen verdeeld zijn.

Daar komt bij dat de Rijksoverheid vindt dat windturbines op zee een betere optie zijn en dat onlangs het beleid is bijgesteld, omdat deze genoeg energie leveren. ‘Dat betekent dat we de windturbines niet op land hoeven te plaatsen’, zegt Jeroen van Gool (CDA). Bovendien: ‘De gemeente neemt ook de regie in handen als wij een duidelijk standpunt innemen. Geen windturbines in het Groene Hart en niet op deze locaties.’

Beschermen van inwoners en Groene Hart

De tegenstanders van het aanwijzen van windturbines hebben veel argumenten. Enerzijds wijzen zij op het belang van de inwoners van gemeente Alphen aan den Rijn, anderzijds wijzen zij op het beschermde landschap Groene Hart. Zij vinden bovendien dat eerst het aantal windturbines op zee moet worden uitgebreid voordat deze op land worden geplaatst. Ook moet er meer en sneller onderzoek komen naar kleine of grote kerncentrale. En: ‘Wij hebben in Alphen aan den Rijn een zonneladder en die moet eerst’. Het gaat daarbij vooral om het plaatsen van zonnepanelen op daken. Daarnaast zijn kleine windmolens, tot 15 meter, toegestaan bij onder meer agrarische bedrijven en op bedrijfsterreinen mogen deze zelfs iets hoger worden.

Draagvlak onder inwoners

Jeroen Matthijssen (VVD) vindt windturbines symptoombestrijding en kerncentrales een echte oplossing. Ook benoemt hij een ander probleem: ‘Er is geen draagvlak in Alphen aan den Rijn voor hoge windturbines, dat blijkt ook uit de participatie.’ Clemens Boere (Nieuw Elan) vindt het belangrijk dat 87 procent van de inwoners zich zorgen maakt over de komst van windturbines: ‘Dat moeten wij serieus nemen. Windturbines geven overlast voor mensen, dieren en voor de natuur. Ze zijn 240 meter hoog, dat is per definitie overlast.’

Belang van opwek

Geen enkele politieke partij ontkent overigens dat er nu te weinig energie wordt geleverd en dat er fossiele brandstoffen ‘op raken’. Daarom worden door tegenstanders verschillende opties genoemd om deze uitdaging op te lossen. ‘Wij willen wel in gesprek over locaties die verder van woningen afliggen’, zegt Caroline Blom (CU). ‘Bovendien wijst de Tweede Kamer erop dat een turbine op zee vijf keer meer oplevert dan een op land. We kunnen daaraan meewerken.’ Peter Versteeg (ONS): ‘Wij willen windturbines op zee, zonnepanelen op de daken en een onderzoek naar kerncentrales.’

Ginet Groep (Alphen voor Elkaar) wijst op een andere oplossingsrichting: ‘Niemand heeft het over het verminderen van het energiegebruik. Daar moeten we over nadenken.’ Hans van Kuyk (SGP) vindt energie besparen een goed punt, maar: ‘Dat doen we al lang.’ Wethouder Van den Ham zegt: ‘Besparen op energie is een deel van de oplossing. De echte oplossing is kernenergie, maar dat is wel lange termijn. In de regio hebben wij als gemeenten al toegezegd dat we hiervoor openstaan.’

Lees ook: Windturbines roepen weerstand op bij omwonenden, dat blijkt uit de hoorzitting over voorkeurslocaties