Olympische limieten Maureen Koster en Femke Pluim bekendgemaakt

ALPHEN AAN DEN RIJN/BOSKOOP - Maureen Koster moet 15.10,00 lopen op de 5000 meter om deel te mogen nemen aan de Olympische Spelen van Tokyo (Japan) volgend jaar. Als aanvullende eis stelt NOC*NSF dat Kosters tijd ook tot de 32 snelsten van de wereldranglijst moet behoren.

Ook op de 10.000 meter wil Koster een limiet lopen: 31.25,00 plus een klassering bij de 27 snelsten van de wereld, eist de Nederlandse sportkoepel. De limieten en eisen zijn dinsdag bekendgemaakt door de Atletiekunie.

Voor polsstokhoogspringster Femke Pluim van het Alphense AAV '36 ligt de lat op 4,70 meter. Mocht Pluim 4,70 meter niet halen maar wel bij de 32 besten van de wereld behoren, krijgt ze alsnog een olympisch startbewijs.

Het persoonlijk record van Maureen Koster op de 5000 meter is 15.07,20. De 10.000 meter liep Koster nog nooit tijdens een officiële atletiekwedstrijd op de baan. Femke Pluims record staat op 4,55 meter.

Extra horde voor Maureen Koster

Nederland mag per afstand of onderdeel maximaal drie atleten afvaardigen. De Alphens-Boskoopse Maureen Koster moet er dus voor zorgen dat ze bij de drie Nederlandse tijdsnelsten behoort. Sifan Hassan, Susan Krumins en Jip Vastenburg hebben - net als Koster - alle drie de capaciteit om zich te kwalificeren voor de olympische vijf en tien kilometer.

Lees ook: Maureen Koster en Femke Pluim op jacht naar limieten voor WK en Olympische Spelen