Tweede Kamer en gemeente Alphen eisen huizenbouw in Gnephoek: ‘Er moet schot in komen’

ALPHEN AAN DEN RIJN - In opdracht van de Tweede Kamer gaat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties donderdagmiddag om tafel met de gemeente Alphen aan den Rijn en de provincie Zuid-Holland. Onderwerp van gesprek is woningbouw in de Gnephoekpolder, waarover gemeente en provincie al geruime tijd met elkaar in de clinch liggen. 'Ik verwacht dat we zo snel mogelijk gaan bouwen. Zo niet, dan ligt de Kamer op ramkoers met de provincie', kondigt Daniel Koerhuis, Tweede Kamerlid voor de VVD, alvast aan.

Zijn partij diende afgelopen maart samen met het CDA een motie in om woningbouw in de Gnephoek af te dwingen. Daar schaarde de Tweede Kamer zich unaniem achter, dus is minister Kajsa Ollongren (D66) gedwongen de gemeente en de provincie bij elkaar te brengen. Dat gesprek heeft donderdagmiddag pas plaats. Veel te laat, vindt Koerhuis, omdat de motie voorschrijft dat er nog voor de zomer overlegd zou moeten zijn.

Bovendien blijkt Ollogren zelf niet bij het gesprek aanwezig te zijn. De minister verblijft momenteel in het buitenland, maar volgens één van haar woordvoerders gebeurt het vaker dat een bewindvoerder ontbreekt bij vergelijkbare overleggen. Hoe dan ook, haar afwezigheid schiet bij Koerhuis in het verkeerde keelgat. 'De provincie ligt dwars, dan helpt het meer als de minister komt praten dan ambtenaren.'

Binnenstedelijk bouwen

Wel of niet bouwen in de Alphense polders is al decennialang een heikele kwestie. Omdat de woningnood hoog is, wil het college van burgemeester en wethouders duizenden huizen in de Gnephoek laten bouwen. 'Onontkoombaar', noemt wethouder Gerard van As (Nieuw Elan) het. Maar provinciegedeputeerde Anne Koning (PvdA) wil daar niets van weten. Zij beweert dat er in Alphen genoeg plek is om binnenstedelijk te bouwen.

Hoewel verschillende oppositiepartijen er tot voor kort niet om stonden te springen, heeft vrijwel de voltallige Alphense gemeenteraad twee weken geleden groen licht gegeven voor woningbouw in de Gnephoek. Meest in het oog springend is D66, dat als voormalig coalitiepartij vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen in 2018 nog stellig verkondigde: 'Wij zeggen heel duidelijk nee tegen de Gnephoek.'

'Dit kan zo niet verder'

'We zijn hierover altijd behoorlijk terughoudend geweest', reageert D66-raadslid Pieter Jan Morssink op de ommezwaai van zijn partij. 'Maar de woningnood is alleen maar groter geworden. Dat heeft ons tot het inzicht gebracht dat dit zo niet verder kan. En daarbij willen we de Gnephoek niet volbouwen, maar juist het natuurgebied verder ontwikkelen, zodat de biodiversiteit wordt gewaarborgd of zelfs toeneemt. Dat is voor ons een voorwaarde.'

Hij denkt dat de eensgezinde gemeenteraad (met uitzondering van Beter Alphen, dat één van de 39 zetels inneemt) een duidelijk signaal heeft afgegeven aan de provincie. 'We moeten stappen gaan zetten.' Die woorden klinken VVD-Kamerlid Koerhuis als muziek in de oren. 'We komen meer dan 300.000 woningen tekort in Nederland en de grootste bouwopgave ligt in Zuid-Holland. Er moet echt meer schot in komen.'

Ministerie: modererende rol

Of er op korte termijn een schop in de Gnephoekpolder wordt gezet, valt overigens nog te bezien. Een woordvoerster van minister Ollongren benadrukt dat het een provinciale en gemeentelijke aangelegenheid blijft. 'Het Rijk heeft er nu niet echt een standpunt over. Wellicht moet het ministerie wel een modererende rol op zich nemen', zegt ze.